Skinny dipping tussen de zeeleeuwen

Op mijn vrije zondag lig ik lekker in de zee te dobberen als ik twee overduidelijk nieuwe toeristen bepakt en bezakt over het strand zie wandelen. Ze zoeken een mooi plekje uit en nadat ze alles hebben uitgestald lopen ze vrolijk richting zee. Een stukje verderop in het water ligt een zeeleeuw het echtpaar gade te slaan, en ik glimlach al bij het idee wat er hierna zal volgen. Want het plekje waar het tweetal hun handdoeken hebben neergelegd, ligt pal naast de bosjes waar de zeeleeuwen altijd liggen te slapen. De beste mensen hebben hun hielen nog niet gelicht of desbetreffende zeeleeuw waggelt naar de grote badlakens en gaat er met z’n dikke kont bovenop liggen.

Al snel ziet de vrouw wat er is gebeurd en maant haar man om de zeeleeuw weg te jagen. Deze rent terug richting de badlakens, waar hij vanaf een afstandje “Ksst! Ksst” roept, terwijl hij met zijn armen wilde gebaren maakt. Schoorvoetend schuift de zeeleeuw een paar meter bij de handdoeken vandaan. Met een blik van: “Zo doe je dat”, loopt de man trots terug naar zijn vrouw, maar hij is nog niet bij het water als de vrouw weer richting de badlakens wijst: ‘Kijk nou toch! Hij doet het gewoon weer!!!’ En jawel, dezelfde zeeleeuw ligt breeduit op de handdoeken te rollebollen.

De man rent terug naar de badlakens, maar ditmaal laat de zeeleeuw zich niet zo snel verjagen. Ietwat geïrriteerd gaat hij uiteindelijk toch terug naar zijn vaste plek achter de bosjes, maar niet voordat hij een souvenir voor het echtpaar achterlaat. Vol afgrijzen kijkt het tweetal naar de grote dikke zeeleeuw drol op de handdoek, en houden het al snel voor gezien op het strand.

Een uurtje later komt Carlos mij halen om een stuk te gaan hiken. Hij vertelde over een leuke route vanaf Playa Carola met mooie view points en afgelegen stranden. Klinkt goed! Het wandelpad verandert al snel in een smal zandpaadje, wat verandert in een ware hindernisbaan waarbij we over rotsen en bomen moeten klauteren. Zonder enige moeite huppelt Carlos over de trail, maar ik heb er wat meer moeite mee. Dankzij de regen van de afgelopen nachten is het overal erg glad, dus ik probeer mij vast te houden aan laaghangende takken en struiken, en glijd meerdere malen onderuit. Carlos lijkt mijn gestuntel nogal leuk te vinden, maar ik heb er inmiddels wel een beetje genoeg van. ‘Cinco minutos mas!’ Roept Carlos een aantal meter verderop, waarop ik geïrriteerd terug roep: ‘Dat zei je een half uur geleden ook!’

Uiteindelijk arriveren we bij een schitterend klein strandje, waar de enige andere bezoekers een aantal zee leguanen en zeeleeuwen zijn. Met een glunderend en tegelijk vragend gezicht kijkt Carlos mij aan, ‘En? Wat vind je ervan?’ ‘Ik vind het prachtig!’ zeg ik terwijl ik hem omhels. We smullen van een picknick op het afgelegen strand, zwemmen in onze blote kont tussen de schildpadden, en na een erg geslaagde middag samen is het tijd om terug te gaan naar de bewoonde wereld. Wat inhoudt dat we datzelfde rot stuk van de heenweg, ook weer moeten teruglopen.

Na een half uur klimmen, klauteren en vallen, ziet Carlos mij verlekkerd naar de oceaan kijken. ‘Jij wil vast en zeker terug zwemmen in plaats van wandelen’, zegt hij met een knipoog. Ik kijk naar de woeste golven die hard tegen de rotsen slaan en kijk dan naar de berg voor mij. Het begint langzaam te regenen en ik gruwel bij het idee dat ik dat hele eind moet lopen. Dus knik ik van ja, ik wil liever zwemmen dan lopen. De stroming is sterk en het vergt toch nog enige kracht om naar de overkant te komen, maar ik ben blij dat we hebben gezwommen. Veel relaxter dan lopen!

Vervolgens wandelen we naar een kleine haven waar het door de week erg druk is met werkzaamheden, maar wat in het weekend is uitgestorven. Terwijl Carlos alvast naar Playa Mann loopt, spring ik van de steiger om ook het laatste stukje te zwemmen. Op het moment dat ik bij Playa Mann het water uitkom zit Carlos mij al op te wachten. ‘Mi sirena!’ roept hij terwijl hij een koud biertje omhoog houdt.

Een uurtje later nemen we afscheid en huppel ik vrolijk terug naar het hotel. De deuren van het hotel zijn gesloten, wat betekent dat Eduardo geen zin had om vandaag open te gaan en boven in zijn kamer ligt te chillen. Ik wil net naar mijn eigen kamer te lopen als ik zie dat in 1 van de hangmatten een jonge vrouw ligt. Naast haar staan een grote koffer en rugzak. Zodra de vrouw mij in de gaten krijgt springt ze gelijk omhoog: ‘Hoi, ik ben Valarie, de nieuwe vrijwilliger!’ …

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *